De uitdagende start als 'partner van'
edu-lauton-TyQ-0lPp6e4-unsplash.jpg
Juli
Daar is ze dan, in een nieuw land, klaar voor de start. Vorige maand heeft Myra ontslag genomen bij het ziekenhuis waar ze een paar jaar als fysiotherapeute heeft gewerkt. Nu heeft ze haar man Peter gevolgd, die voor een groot international bedrijf is overgeplaatst.
De eerste maand was een heerlijke vakantie thuis, de eerste die ze zichzelf sinds lang gegund heeft. Geen patiënten, artsen, behandelplannen, heerlijk. Op haar gemak bezig met het huis inrichten, de omgeving verkennen en wat verschillende winkels uitproberen.
Maar nu moet het gebeuren: opstarten, voor zichzelf beginnen, die eigen haptonomiepraktijk neerzetten waar ze al langer van droomt.
Ze zwaait naar Peter, die ‘s ochtends vroeg de deur uitgaat. Vandaag wil ze aan de slag. Wat dingen uitzoeken, zoals de juridische vorm van haar bedrijf, verzekeringen, haar Nederlandse registratie als fysiotherapeut omzetten. Maar ze is moe, doodop. Buiten staat alles vol in het blad en is het groen. Als ze woonkamer inloopt valt haar oog op de nieuwe ficus in de woonkamer. De airco doet hem geen goed. Hij verdroogt en begint te vergelen, her en der valt zelfs al een blad.
Koffie, denkt ze, eerst koffie, daarna heb ik vast wat meer energie. Na twee koppen komt ze in actie. Ze begint iedere dag met het aanvegen van de vloeren. Vanwege de hondeharen van Daisy. Dat vegen heeft iets aardends, elke dag beginnen bij het begin. Op een schone vloer kun je bouwen. Het is een nieuw ritueel geworden. Die heeft ze nodig, nieuwe rituelen, gewoonten, ritme, structuur. Weliswaar geniet ze van de vrijheid die ze nu heeft, tegelijkertijd is het is lastig. Ze kent geen ander leven dan dat van dagen die zich vanzelf vullen met afspraken, patiënten, overleg. Maar wat doe je als er niemand op je zit te wachten?
‘s Middags kruipt ze eindelijk achter de computer, legt contact met andere Nederlanders in de omgeving en verstuurt wat mailtjes.
Als Peter weer thuis komt aaan het einde van de dag, vertelt hij over zijn nieuwe collega’s, het werk, zijn ontmoetingen. ‘En jij’, wat heb jij gedaan?’ vraagt hij belangstellend. ‘Ehm, nou wat klusjes voor de nieuwe praktijk, met Daisy gelopen, wat huishouden.’ Echt enthousiast klinkt het niet. Inwendig denkt ze ‘ja, wat heb ik nou eigenlijk gedaan?!’
Augustus
De ficus verliest steeds meer blad. ‘Ik hoop dat-ie ‘t haalt’, denkt ze. Een nieuwe is duur. Met één inkomen kan je niet eindeloos vooruit. Anders dan in Nederland, met allebei een maandsalaris, voelt ze zich opeens afhankelijk. De klassieke huisvrouw, ondanks de ideeën voor haar eigen praktijk, die maar langzaam vorm krijgt. Haar Nederlandse papieren en registratie blijken hier niet zomaar erkend te worden. Aanvullende opleidingen en een examen zijn nodig. Dus schrijft ze zich in voor een training in de herfst. Spreekt ondertussen met een consultant over de beste juridische vorm voor haar bedrijf, en met de ontwerper over website en logo’s. En blijft dagelijks de vloer vegen, het huishouden doen, rondjes lopen met Daisy.
Nog steeds moe. Dat verbaast én ergert haar. Waarom kan ze niet gewoon vrolijk en actief zijn? Waarom kost het omschakelen naar een nieuw leven zoveel energie? Erover praten is moeilijk. Haar familie in Nederland vindt dat ze een heerlijk leven leidt. Ze zien de Peter Stuyvesant-kant. Met wie kan ze er over praten? Dat ze zo moe blijft, dat het allemaal niet zo snel gaat als ze had gehoopt, en dat ze haar draai niet vindt?
Wat nog vervelender is: ze krijgt voor het eerst van haar leven lichte paniekaanvallen. Op de gekste momenten gieren de zenuwen door haar keel. Gelukkig duurt het nooit lang, maar toch. Wat is dit nu weer?
September
De na-zomerse hitte is op een hoogtepunt. De airco draait nog steeds dag en nacht. De ficus is bijna alle blaadjes kwijt. Myra zet’m buiten, in de tuin, en snoeit alles kaal tot op de stam. Er is weinig meer te verliezen, dit is de enige kans op overleven.
Haar eigen paniekaanvallen nemen toe tot meerdere per dag. Onvoorspelbaar en onaangenaam. Een grote kluwe van energie die voor haar borstkas een wilde dans met zichzelf lijkt te doen. Het enige dat op zo’n moment helpt is naar buiten te gaan met Daisy, haar aandacht te vestigen op haar voeten, en de stappen te tellen die ze zet. Tegen Peter durft ze er niets over te zeggen. Klagen? Nee dat doe je niet. Er is toch niets? Of is dat juist het probleem? Geen inkomen, geen structuur, geen routine, geen contacten?
Eind september ligt ze op een middag op de behandeltafel in de kamer die ooit haar praktijkruimte wordt. Ze rekt zich uit, de muziek staat aan. Starend naar het plafond peinst ze over haar nieuwe leven, de leegte, haar nieuwe identiteit. Wie ben je zonder werk, zonder inkomen in de Westerse maatschappij. Wat is er dan nog van je over? Dan, opeens, is er een flits, een gedachte die vanuit het niets door haar heen schiet. ‘Dan ben ik wie ik altijd al was’. Het voelt als een magisch moment. Alsof ze deel uitmaakt van een groter geheel. En het deel in zichzelf weer kan voelen dat er altijd geweest is. Precies op dat moment hoort ze de flard van de muziek die aanstaat. ‘Return to yourself, don’t care what people say, just follow your own way, don’t give up and use the chance, to return to innocence.’
Daar, op dat moment weet ze het weer: de haptonomie, dat is wat ik echt wil doen. Dit is mijn doel. Ook al ben ik bang dat het niet lukt, toch ga ik ermee door. Al komt er geen enkele klant!
Als Peter tijdens het eten ‘s avonds vraagt wat ze heeft gedaan zegt ze: ‘Niets. Heerlijk uitgerust. Plannen gemaakt’. Hij knikt en ziet dat ze er energieker uit dan ze in lange tijd heeft gedaan. Het komt wel goed.
Oktober
Buiten wordt het herfst. De eerste bladeren vallen. De ficus, aan zijn lot overgelaten in de tuin met af en toe een enorme onweersbui over zich heen, heeft opeens allemaal nieuw blad gevormd en groeit in rap tempo. Nog even, en ze zal hem binnen moeten zetten, dan wordt het buiten te koud. ‘Ja, zo gaat dat, mijmert Myra, ‘bij bomen, en bij mensen. Je laat bladeren vallen, en onderdelen van je leven blijven soms achter, maar je stam en de wortels veranderen niet, die blijven dezelfde. Als je ontdekt hebt uit welk hout je gesneden bent, wat je kern is, kun je van altijd weer verder groeien, en de winterperiode gebruiken om energie te verzamelen voor je nieuwe doelen. Dan kun je weer verder.’ Ze is er klaar voor.